De zomer – week 2.

Maandag nam mijn lief verlof om Kasper ‘naar vakantie te brengen’. Hij zou met zijn moeke en een tante van mijn man een weekje in Center Parcs gaan doorbrengen. Vorig jaar was dat ook de bedoeling, maar toen viel meneer op dag twee echt heel ziek en zijn we hem uiteindelijk zelfs vroeger moeten gaan halen. Kasper was enorm moe, dus we hoopten dat hij tijdens de rit van anderhalf uur toch al wat zou bijslapen. Dat was wel wat mislukt, maar hij heeft de rit toch flink uitgezeten.

Op maandag stuurden we een sms over hoe het ging en we kregen telefoon om te zeggen dat hij flink was gaan slapen en dat ze zich al goed hadden geamuseerd.

Dinsdag vroeg ik ’s avonds of mijn liefste al iets had gehoord, dus hij stuurde weer een sms en kreeg weer telefoon terug. Het was weer allemaal schitterend geweest, maar seg, we gingen toch niet elke dag bellen, he. Neenee, dat was niet de bedoeling.

Woensdag beviel dan een nichtje van mijn man en aangezien we niet zeker wisten of ze dat wel te horen hadden gekregen daar in de verre Limburg, belde de echtgenoot nog maar eens. Ze hadden het al gehoord en en passant wisten ze te melden dat het alweer een heel leuke dag was geweest.

Donderdag moest mijn lief bij mijn schoonmoeder een paar vuilnizakken stelen, aangezien ik werkelijk waar iedere dag naar de supermarkt was gegaan alleen daarvoor, maar iedere keer weer was thuisgekomen met vanalles, maar dus geen vuilniszakken. Hij moest toch naar daar voor de post, maar vond dan toch wel dat hij eerst moest vragen of hij er een paar mocht meenemen. Hij kreeg de zoon aan de lijn, die wist te zeggen dat hij op een pony had gereden. Drie kwartier lang?! Zijn pony heette Chantal en het was echt héééééél leuk. Onze mond viel open. Onze angsthaas, die echt hysterisch wordt als er nog maar een geit te zien is, kruipt op een pony??

Vrijdag hoorden we niets, maar we gingen er wel vanuit dat het allemaal goed zou zijn.

Ik had voor Kasper een briefje gemaakt met gekleurde plakkertjes erop. Op school hebben de dagen kleuren (geel, groen, oranje, blauw, rood) en ik had dus voor elke dag de kleur geplakt. Hij moest dan ’s avonds de kleur van de dag eraf trekken en als alle kleuren op waren, dan gingen mama en papa en Annabelle de dag nadien ook komen. 

Op voorhand had ik eerst gedacht dat ik wel meer kans zou hebben om eten te koken als Kasper er niet was. Achteraf bedacht ik me dat het eigenlijk vooral Annabelle is die letterlijk aan mijn broek komt hangen en superhard begint te wenen. Vaak is Kasper dan nog mijn redding, omdat hij probeert haar wat af te leiden. Die bedenking bleek te kloppen; de juffrouw heeft elke kookbeurt op mijn arm doorgebracht en na dag twee gaf ik het al maar op van wat uitgebreider te koken dan anders.

We hadden op voorhand ook het plan opgevat om de dochter wat uit te putten. We zouden elke avond nog iets gaan doen, zodat haar slaapuur makkelijker gerekt kon worden en ze wie weet toch wel eens later dan tot vijf uur zou slapen. We gingen dus naar de bibliotheek, naar de winkel, gewoon eens wandelen … en ons Bellie lag er dus inderdaad vaak eerder om acht uur of zelfs pas halfnegen in. De eerste dag sliep ze tot zes uur, de tweede helaas al maar terug tot halfzes en de dag nadien was het terug kwart na vijf. Nondepitjes.

Ik merkte ook heel fel wie hier normaal bij de ochtendroutine de vertragende factor is. OK, ik hoefde natuurlijk geen boterhammen te smeren en dat maakt wel een verschil. Toch was het vooral vertrokken geraken dat zoveel makkelijk was nu. Om twintig na zeven zei ik: ‘kom, Annabelle’, ik pakte haar op, stak haar in de auto en was weg. Om één na halfacht ofzo stonden we aan de crèche en ik was dus iedere dag rond tien voor acht op mijn werk. Als Kasper erbij is, probeer ik ook om om twintig na zeven buiten te geraken, maar dat wordt meestal al eerder halfacht. Dan zeg ik ‘komaan, we zijn weg’ en meneertje begint tegen te stribbelen. Hij moet wel nog spelen, hij moet nog pipi doen of godbetert kaka, hij gaat echt niet zelf naar beneden stappen (maar met mijn laptop, drie zakken en Annabelle is mijn draagkracht wel op), zijn schoenen geen optie of gaat hij geen trui aandoen of geen boterhammen meenemen (en doet hij dus ook zijn brooddoos uit zijn zak). Ik ben nogal van het ‘dan doet hij geen trui aan en heeft hij maar pech als hij het koud heeft’, maar toch verzeilen we op de een of andere manier nogal gemakkelijk in een strijd. Negen van de tien keer eindigt het dan ook dat ik Annabelle al in de auto zet, de zakken in de koffer smijt en terug naar binnen storm, waar ik dan bij wijze van compromis zeg dat hij vijf treden naar beneden moet komen en dat ik hem dan zal pakken. Tegen dat we dan de deur écht uit zijn, is het al gemakkelijk twintig voor acht. Ik ben dan al volledig afgepeigerd en dan moet de dag nog beginnen!

Annabelle zelf leek haar broer die eerste dagen wel te missen. We zetten haar ’s morgens vaak op de grond en dan mag ze wat rondstappen. Dag één trippelde ze meteen naar de kamer van haar broer … die er dus niet was. ‘Dada! Dada!’, riep ze maar. Dat is wat ze tegen hem zegt, een beetje haar ‘naam’ voor hem. Toen ik haar bij de crèche afzette, gebeurde hetzelfde. Ze wees nadrukkelijk naar zijn stoel en zei ‘Dada! Dada!’. Maar prutske toch … Ik denk dat ik het kind nog nooit op haar eentje bij de crèche had afgezet sinds ze gaat. Je zag haar toch ook wel genoten van de aandacht die ze dezer dagen kreeg. Geen broer die haar speelgoed kwam pikken of die dringend een uitleg moest komen doen als zij eens iets grappigs deed, geen Kasper die toevallig moest laten zien dat hij ook kon wat zij kan, … .

Zaterdag trokken wij dan met zijn drietjes ook naar Erperheide. Annabelle viel na één minuutje in de auto in slaap en werd wakker toen we de parking daar opreden. Ideaal! Kasper was heel blij ons te zien, maar vooral zijn zus had hij duidelijk gemist. Hij grabbelde ze vast en liet ze de eerste vijf minuten niet meer los. Hij lachte naar haar, knuffelde haar opnieuw, aaide over haar haar … Hij vertelde meteen over zijn pony-avontuur en vroeg of hij met ons nog eens mocht gaan. We gingen informeren en er was nog één plaatsje vrij die dag. Meneer dus terug op een pony en dit keer gingen wij dan mee. We moesten zelf dat beest getemd houden, maar onze pony wilde ten eerste veel sneller dan de rest en ten tweede probeerde die altijd maar van de bomen en het gras te eten, wat dus niet mocht. Het lief deed zijn best, maar toegegeven; het lukte niet zo goed om hem onder controle te houden. Op een bepaald moment moesten alle dieren stoppen en onze pony ging al meteen dwars staan, om van de blaadjes te eten. We probeerden ze van gedachten te doen veranderen, maar toen plots kwam ze te dicht bij de pony voor haar, die stampte met zijn achterpoten in haar flank en zij stampte natuurlijk terug. De begeleiders leidden de twee beesten gelukkig meteen van elkaar weg en het hield hiermee op, maar de kinderen waren toch wel onder de indruk. Het deken waarop Kasper zat, was helemaal samengefrommeld vooraan, maar hij zat er zelf toch nog op op de een of andere manier. Hij zei dat hij nog wel wilde verdergaan, dus dat was dan ook wat we deden. Hij was wel niet meer zo ontspannen als in het begin, maar hij zei dat hij het toch nog leuk vond.

We trokken ook nog met zijn allen naar het zwembad, maar toen werd duidelijk dat het toch niet zo evident is voor zo’n pagadder om probleemloos van de ene ‘setting’ in de andere over te gaan. Eerst moest hij naar moeke en tante luisteren, nu kwamen moeder en vader daar ook ineens nog bij en die zijn dan natuurlijk een stuk strenger … De hele week had hij ook met niemand moeten rekening houden, want als hij iets wilde, dan gebeurde het gewoon. Als hij nog wat wou blijven, dan was dat allemaal geen probleem. Nu was er natuurlijk nog Annabelle, die moest eten en slapen op tijd en stond, wij die ook nog plannen hadden … Er werd dus wel wat geroepen en getierd en heel veel geweend door meneertje. Toch was het best gezellig in het zwembad en we zagen hoe hij zijn eigen grenzen probeerde te verleggen. Hij wilde wel met ons in het golfslagbad, hij durfde zelfs te proberen tussen mama en papa te ‘zwemmen’ met bandjes aan en hij ging af glijbanen die hij eerder deze week nog niet had gedurfd. OK, als hij dan hier en daar een slok water binnenkreeg, was het weer gedaan, maar goed …

’s Avonds gingen we in een ‘all you can eat’ eten en beseften we wat een hel dat is met kleine kinderen. Kasper wist zich nog wel te gedragen, maar Annabelle hing het echt uit. Huilen in haar stoel, huilen op je schoot, wenen als we ze eten gaven en ook gebrul als ze hetgeen op ons eigen bord lag dan toch niet kreeg. Zenuwslopend … Compleet afgepeigerd gingen we terug naar het huisje en nog voor tien uur ’s avonds lagen we allemaal in bed.

Zondag gingen we dan naar de binnenspeeltuin en trokken wij nog eens alleen met Kasper naar het zwembad, terwijl Annabelle sliep en moeke op haar paste. Kasper ging in zijn eerste wildwaterbaan (rond papa zijn nek hangend) en wilde dat meteen tien keer opnieuw doen. Er was zowaar een regengordijn en hij vond dat geen probleem! Dan moet je hier thuis eens proberen de sproeier aan te zetten … Toen we hem zeiden hoe stoer het was van hem en dat hij dan misschien toch ook wel in de douche van het zwembad zou durven, zag je hem denken … en toen wij daar dus onder stonden, kwam hij er gewoon mee onder staan! Met zijn hoofd in zijn handen en helemaal voorovergebogen, alsof hij een saldo schoten stond af te wachten, maar hij bleef er toch maar zomaar een paar minuten onder staan. Wat een overwinning op zichzelf!

In de namiddag kreeg Annabelle last van een tand en nondedju, wat een ellende is dat toch altijd. Perdolan kan er toch niet altijd voldoende tegenop.
’s Avonds gingen we nog eens eten en toen was het alweer gedaan. We moesten onze valiezen nog inpakken en kropen dit keer zelfs om negen uur al in bed. Gelukkig maar, want Annabelle had een lastige nacht en ze belandde al vanaf halftwaalf in ons bed.

Vandaag gingen we naar huis en ook nu liep de autorit voorspoedig. Oef …

Eens thuis kreeg ik meteen telefoon van het ziekenhuis. Kasper wilde weten wie er aan de telefoon was en waarom en voor wie … dus moest ik hem meteen vertellen dat het een mevrouw was die had gebeld dat we morgen al om zeven uur in het ziekenhuis moesten zijn. ‘Voor wie?’ Voor jou … ‘En waarom?’ Ik heb hem uitgelegd dat de dokter van de oren had gezegd dat hij natuurlijk wel kon horen (gegiechel van zijn kant), maar dat dat toch nog beter zou moeten gaan. En dat hij ook wel kan ademen, maar dat dat ook nog beter zou kunnen. En dat je dan beter kunt lopen en springen en dansen … En dat de dokter hem even in slaap gaat doen, zoals hij gisteren nog had gezien bij de pelikaan van Shaun het schaap, om te kijken wat ze konden doen. En dat hij daarna twee dagen geen koeken of bokes of corn flakes mag eten, maar wel heel veel ijsjes en pudding en yoghurt. Ik vrees dat hij vooral dat laatste heeft onthouden, maar kijk. Voorlopig kijkt hij er niet tegenop, hij vroeg zelfs of we al direct ernaartoe konden vertrekken! Ik kijk er wel iets minder naar uit … Hij moet buisjes en zijn poliepen en amandelen moeten eruit. Vooral van die amandelen kunnen ze toch wel een tijdje niet goed zijn, blijkbaar. Ik heb vier dagen verlof en dat is natuurlijk schitterend. Dan kan ik voor hem zorgen en hoef ik niet op mijn werk te zitten met in mijn achterhoofd mijn zielig venteke. We zullen wel zien wat het geeft …

 

Advertenties

5 gedachtes over “De zomer – week 2.

  1. jaja ik blijf nog overeind, het is gelukkig niet elke nacht zo erg. Nachtvoedingen variëren echt van 1 tot 4 keer per nacht. Als ik op tijd ga slapen en als hij na elke voeding heel snel weer inslaapt dan kan het wel goed meevallen ook. Maar ja, ‘k heb wel paar dagen op ’t werk gehad waar ‘k niet zo bijster productief ben geweest. En ‘k ben intussen wel compleet koffieverslaafd 😀

    Like

  2. schattig hoe 2 kinderen elkaar graag kunnen zien en elkaar zichtbaar missen eh.

    Bij ons is het ook al paar weken tandjes pijn wat zich uit in het 4-tal keer drinken ’s nachts. Oleeee…koffie zuipen voor mij dus.

    Doet Annabelle 1 of 2 dutjes overdag? Ons zoontje doet er meestal nog 2 en dat helpt wel dat hij dan maar tussen 21-22u gaat slapen (en dan maar na 6-7u wakker wordt ’s ochtends).

    Haha, ik herken trouwens de douchevrees bij onze oudste en ik moet je zeggen: jammer genoeg is een douche aan een zwembad iets helemaal anders dan thuis. ’t is niet omdat hij daar lachend en zingend onder de douche staat te springen dat hij niet gilt als vermoord als hij thuis bij ons moet douchen.

    hoe gaat het nu met jouw vermoeidheid? Gaat het al beetje beter?

    Like

    • Hahaha, ik hoopte al niet echt dat douchen thuis plots zou lukken, hoor 😎.
      Annabelle doet overdag meestal 1 dutje en dan gaat ze tussen halfacht en acht slapen. Dan is ze ook echt kapot en wreeeed lastig, dus echt veel rek zit er niet meer op.
      Oh help, 4x drinken per nacht??? Ok, dan klaag ik niet! Blijf je zelf nog overeind?

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s