Losse flarden ft. as we speak.

  • Ik schrapte recent elke vorm van hobby, want het zoeken naar gaatjes in de agenda en het goochelen met oppassers maakte het allemaal veel te stresserend. Ik deed het met pijn in het hart, maar ik kreeg toch het gevoel dat het genot van de hobby niet meer opwoog tegen al het gedoe errond.
  • Ik startte een heuse opruimslag en twee ritten met een propvolle wagen verder richting containerpark zorgden er dan toch voor dat er hier en daar toch al eens een plekje leeg is op een rek of in een kast. Nog te doen: vooral de kleerkasten drastisch uitmesten en de keuken zo te zien reorganiseren dat het aanrecht niet continu propvol hoeft te staan. 
  • Ik was toch zo tevreden van de my shopi-app, aangezien ik daar onder andere een lijst kon aanleggen van onze voorraden, met vervaldatum en al. Ik scande alles ijverig in en de echtgenoot was zowaar bereid mee te scannen elke keer er boodschappen waren gedaan. En toen wou ik een item verwijderen en drukte ik per ongeluk op ‘delete all’. Geen mogelijkheid tot terugdraaien van die actie, zo bleek. Ik heb nog niet de moed gehad om er opnieuw aan te beginnen…
  • De tijd die ik hoopte te winnen door hobby’s te schrappen, werd meteen zesdubbel ingepalmd door bezoekjes aan de kine. Al sinds november had ik met regelmaat van de klok veel last van mijn nek en schouder. Een osteopate bracht dan wel wat soelaas, maar de pijn kwam steeds sneller terug en aangezien zo’n osteopaat toch alles behalve gratis is (58 euro per keer, niets terugbetaald), trok ik nog maar eens naar de huisdokter. ‘Dat zit hier allemaal muurvast, mevrouw’, zei hij en schreef me prompt 18 beurten kine voor. Hij zei dat een kinesist  dat ging losmasseren en ik zag dat wel zitten. Alleen… losmasseren, het zal wel zijn. De kinesist blijkt vooral met dry needling te werken en steekt dus naalden in de pijnlijke spier en kotert er dan wat op los. Ontspannend is het in geen geval, want het doet echt pijn. Het is te verdragen, maar je bent toch voortdurend op je hoede voor de volgende ‘steek’. Nadien heb je twee dagen megaveel spierpijn, maar ik moet wel toegeven dat ik denk te voelen dat bepaalde spieren toch al wat losser zijn. ‘Het is echt heel erg  nodig’, zei hij en als opdracht gaf hij me wat oefeningen mee en daarnaast zei hij: ‘en ontspannen he’. Oei. Hij ging me daar in de toekomst, als hij dus eerst die spieren terug wat meer beweeglijkheid heeft gegeven, mee helpen, zei hij. Ik ben benieuwd. Nu moet ik dus twee keer per week mij in bochten wringen en vroeger van mijn werk vertrekken om mij daar wat te kunnen gaan laten martelen. 
  • De kindjes zijn plots allebei bezeten van boekjes lezen. Vooral bij Annabelle is dat echt non-stop. Je hebt je laatste bladzijde nog niet gelezen of ze springt uit de zetel om met een nieuw boekje te komen aandraven. Kasper heeft dan weer als favoriete onderwerp de Sint. Tsja… 
  • De echtgenoot en ik trokken naar Rotterdam en waren compleet verzopen. Toch genoten we er wel van. Alleen al eens kunnen eten en babbelen zonder zeventwintig keer van uw stoel te moeten of zonder kind dat plots allerlei ‘interessante dingen’ moet vertellen als we eens langer dan drie seconden tegen elkaar bezig zijn, was goddelijk. De ononderbroken nachten en gewoon kunnen slapen tot 10u deden de rest. 
  • Mijn lijf schreeuwt weer langs alle kanten dat het te veel wordt. De vervangende huisarts waarbij ik daarover iets liet vallen, ging wat drastisch te werk en trok ook overhaaste conclusies. Met een voorschrift voor medicatie en een veel te voorbarige diagnose stond ik daarna wat verbijsterd terug buiten. Over een goeie week moet ik terug, naar mijn eigen HA deze keer, en dan ga ik het toch nog eens opnieuw bespreken. Wish me luck dat hij mijn redenering en argumentering volgt… 
  • Het is hier 6u ’s morgens en ik hoor beneden allerlei dierengeluiden. Een leeuwenbrul, een paard, een poes, een hondje, … Ons Bellie heeft de dieren ontdekt en wordt er helemaal wild van. Waarom is dat eigenlijk dat die kinders eerst die geluiden kunnen en dan pas het woord? 
  • Kasper vertelde me gisteren iets vreemds. Ik vroeg naar een meisje uit zijn klas en zijn antwoord: ‘Maar ik vind die niet leuk, want die is zwart.’ Unk?! Gelukkig kwam er dan nog achter dat J. ook zwart is en dat die wel zijn liefste vriend is. Ik moest dus op 3 jaar al beginnen preken dat het toch niet uitmaakt welke kleur mensen hebben en dat hij S. mss niet zo leuk vindt, maar dat de oorzaak daarvan daarom niet haar huidskleur is. Ik was toch wel lichtelijk verbijsterd. Wat doorvragen later wist ik dan ook dat hij niét schijnt te zien welke kindjes er geel zijn en welke bruin en welke andere wit. (De andere zijn allemaal zoals mij, zei hij.) Bovendien zag hij niét dat A., een halfbloed van een andere klas, ook best zwart is. Ik begin dus ergens te vermoeden dat iemand het specifiek over de zwarte kindjes in zijn klas gehad moet hebben en daar toch wat vreemde uitspraken over moet gedaan hebben. Pfff. Ik had toch gehoopt dat dit soort dingen wat langer zouden uitblijven, tot we er wat zinnigere gesprekken over konden voeren. 
  • Laatst mocht ik trouwens ook gaan uitleggen hoe de kindjes er komen. Eh… 
  • Kasper ontdekte dan toch eindelijk zijn loopfiets. Hij oefende eens een middag met oma en vond het de max. Sindsdien moet die fiets te pas en te onpas bovengehaald worden. We hebben helaas niet zo vaak de mogelijkheid om daar echt mee op pad te gaan, dus ligt er nu standaard een loopfiets op mijn passagierszetel. In mijn koffer past hij niet namelijk. Op deze manier kan hij de korte afstanden van de parking naar school of van school naar de winkel fietsend afleggen. 
  • Er is trouwens een heuse ‘incentive’ aan verbonden. Als hij goed met zujn loopfiets overweg kan, krijgt hij de felbegeerde fiets met trappers op zijn vierde verjaardag. Hij heeft besloten dat het er eentje van Paw patrol gaat worden trouwens. Hmm. We zullen zien…
Advertenties

De zomer – week negen.

Et voilà, nog voor je het doorhebt, is het dan toch zo ver: die lange zomervakantie is voorbij. Van die laatste dagen genoten wij nog wel met volle teugen.

Op maandag wilden we het nog rustig houden. We zouden ‘eventjes’ een nieuwe rugzak voor Kasper gaan zoeken. We gingen eerst langs de markt, dan haalden we in het kruidvat 4 dozen pampers op die ik er aan 50% hzd gekocht, dan haalden we vlug de nieuwe brillen voor de man op en dan eindelijk gingen we op weg naar Dreamland. Annabelle was onderweg al in slaap gedonderd, dus bleef het lief bij haar en ik ging met Kasper alleen naar binnen. Zijn ogen vielen bijna uit hun kassen en hij waande zich in de Paw Patrol-hemel. Gelukkig kon ik hem bij de rugzakken nog wat afleiden en richting de skip hop-zakken dirigeren, maar vanaf dan bestond de enige opdracht er voor hem in naar sdie honden te gaan zoeken. Een brooddoos, de 2 ontbrekende minipups voor zijn collectie en een boek later gaf hij toe dat het nu wel echt genoeg was en mocht ik gaan betalen. Terwijl ik mij op die taak richtte, ging meneer er zowaar voor het eerst in zijn leven vandoor! Hij vroeg of hij in een auto aan de kassa mocht spelen en toen ik opkeek, was hij nergens meer te bespeuren. Ik probeerde in te schatten waar hij naartoe zou kunnen zijn en ik dacht aan de echtgenoot in de auto op de parking. Niet meteen een geruststellende gedachte met al die auto’s… maar toen ik lichtelijk bezorgd buiten stapte, bleek meneer in de opgestelde speelhuisjes buiten te zitten. Jawadde. Nadien gingen we nog naar de Fun, alwaar de echtgenoot onze vriend ook nog vanalles gaf en waar Annabelle toch ook iets kreeg. Een gigantisch Bumbaboek, waarvan de kartonnen bladzijden zo groot zijn, dat ze zelf niet eens kan omdraaien. Dan togen we eindelijk naar huis en probeerden nog wat te relaxen. Nadien moest de echtgenoot nog even naar de chirurg om zijn op til staande operatie te plannen en dan kwam een spannend moment: we mochten naar school om te weten te komen bij welke juf Kasper zou gaan zitten. Zijn juf is al meteen in zwangerschapsverlof, maar hij kent de vervangster wel al een beetje van vorig jaar. Er is vanalles te zeggen over de klas, over het gebouw, over vanalles en nog wat, maar ik ga dat niet doen. Ik hoop gewoon dat het allemaal meevalt en dat hij zich er even goed zal voelen als vorig jaar. 

Dinsdag was dan ook bijzonder: we dropten Annabelle bij opa en gingen met Kasper naar Plopsaland. De anderhalf uur in de auto verliepen voorspoedig en pllts riep meneer: ‘we zijn er!’. Hij had een grote Plop gespot op een kruispunt en de juiste conclusie getrokken. Vanaf dan vobd hij alles super. Hij huppelde van enthousiasme bij elk figuur dat hij tegenkwam en hij wilde overal in. Soms was zijn lengte (93cm) wel nog een probleem, maar hij mocht toch wel al veel. Hij deed rollercoasters alsof het niks was en vond het allemaal even tof. Mijn maag zag een tweede ritje echter vaak niet zitten… Het viel eigenlijk ook geweldig goed mee qua aanschuiven: bij twee attracties (toevallig die met water; niet vreemd op een snikhete dag) duurde het lang, bij al de rest maximaal 1 of 2 beurten wachten en het was aan ons. Deze dag was alvast een absolute topper. Jammer dat het zo ver rijden is en vooral dat je er zo idioot veel voor betaalt. Wij kwamen er deze keer vanaf met 57 euro + 10 euro parking, maar als we teruggaan en Kasper is een meter groot (waarschijnlijk) en we vinden niet hier of daar een korting, dan wordt dat zomaar eventjes 108 euro + 10 euro parking. Hallo?! En als we nog een jaar of 2 wachten en Annabelle meenemen, dan mag er nog eens 36 euro bij. Dat is toch om niet goed van te worden… Oh, en we hadden Kasper beloofd dat we daar nog iets gingen eten. 51 euro kostte dat ons, voor een kinderspaghetti en 2 hoofdmenu’s, niet eens echt lekker en ook niet overdreven veel. In pakweg de lunchgarden eet je hetzelfde veel beter en in een grotere portie voor 20 euro minder! De terugreis was slopend, met temperaturen rond de 40° in de auto en file, file, file. Gelukkig sliep Kasper een groot deel van de reis… Aan het eind van de dag vroeg ik meneer nog wat hij nu het leukst had gevonden. ‘Dat ik op wc van de grote mensen was geweest en ik er net aan kon!’, was zijn antwoord. Een urinoir op kidnderhoogte dus, maar dat laatste had hij niet helemaal door. En fier dat hij was! 

Woensdag en donderdag moest ikzelf helaas al terug gaan werken. De echtgenoot bleef bij de kindjes zn bracht ze prompt telkens een halve dag naar zijn ouders. Daar amuseerden onze twee varkentjes zich elke keer rot.

En dan was het vrijdag 1 september. Wij hadden er alvast naar uitgekeken en hij wilde ook graag naar juf S., zei hij. Hij stond op en toen drong door dat het voor echt was. Plots wilde hij niet meer eten, kloeg hij dat hij moe was en lag met zijn oogjes dicht in de zetel. Hij gaf over. Ziek of zenuwen? Toen hij niet naar Paw patrol wilde kijken, vreesde ik voor het eerste. Nadien gaf hij ook nog eens over. Hij wilde de ene minuut wel naar de juf en de andere niet… dus wz besloten het er toch maar op te wagen. Het was een berekend risico. Door het offerfeest zouden er maar weinig kindjes zijn, dus in geval van nood zou de juf nog wel wat aandacht aan hem kunnen geven. Mijn lief was ook thuis, dus als het echt niet ging dan kon hij meteen gehaald worden en zelfs opgevangen worden zonder tien telefoons te moeten voeren. In de auto dacht ik echt dat we zelfs de school niet zouden zonder een extra keertje overgeven. Het stuk naar de school stapte ik met hem hangend in mijn armen. Ik gaf hem aan de juf en zei maar eerlijk hoe het zat en dat ze mochten bellen als het niet ging. Ik voelde me wel wat schuldig, maar als het dan toch van de zenuwen zou zijn, dan zouden we hem niet helpen door hem thuis te houden. Dan zou het maandag opnieuw van dat zijn. De hele dag hielden we onze gsm angstvallig in het oog en pas ruim na de lunch durfden we weer wat adem te halen. Toen we hem afhaalden, bleek dat er inderdaad geen enkel probleem meer was geweest. Hij had al zijn eten op en vroeg al meteen naar eten. ‘Het zullen toch zenuwen geweest zijn, zei de juf. Inderdaad. Drie jaar en meermaals overgeven vande zenuwen. Met die kleine gaan we onze peren nog zien, denk ik… Hij had het in ieder geval leuk gevonden, juf S was al meteen de liefste en de mooiste van zijn klas, dus dat schept hoop. Al doe ik nu vporal schietgebedjes dat nu zo meteen al een weekend hem dat niet zal doen vergeten…

De vakantie zit erop. Ik sxhrijf een dezer nog wel eens wat algemene overpeinzingen over die hele periode. Maar van de wekelijkse updates zijn jullie dan toch maar weer verlost!

De zomer – week acht.

Naar deze week van de vakantie had ik het hardst uitgekeken; wij met zijn viertjes thuis. In de loop van de vakantie zwakte het enthousiasme soms wat af (recht evenredig met het aantal hysterische aanvallen van Kasper of de uren aan mijn broek getrek of doelloos gehuil van Annabelle en het aantal keren dat de echtgenoot uit zijn vel sprong om niets), maar toen het moment dan toch daar was, had ik er toch weer zin in. En terecht, is gelukkig gebleken …

Maandag kwamen we dus terug van Sunparks. We waren rond de middag thuis en begonnen zowaar meteen voorbeeldig te wassen en onze koffers uit te laden. Ok, ik dan … maar de echtgenoot entertainde wel de kinderen, dus ik kon ongestoord mijn gang gaan. Voor de rest deden we niets speciaals meer, behalve chinees bestellen.

Dinsdag moesten de kindjes al meteen een hele dag naar Oma. De echtgenoot en ik moesten immers twee aktes bij twee verschillende notarissen gaan ondertekenen. De ene afspraak stond behoorlijk vroeg en de andere behoorlijk laat, dus we besloten onze tijd voor een keertje ook eens nuttig te besteden. We gingen naar de winkel (yes, alweer een week erin geslaagd de kinderen niet te moeten meenemen!), we deden glas naar de glasbak van eh … vermoedelijk zo ongeveer een jaar en we sleepten nog het een en ander naar het containerpark. We hadden achteraf zelfs nog een dik uur over om eventjes ‘op ons lui gat te liggen’. We zetten enkele tientallen paraffen en een koppel handtekeningen en toen was het dan toch eindelijk zo ver; we hadden een lening en een grond. Hallelujah! De kindjes hadden een fijne dag gehad bij oma, al had Annabelle geweigerd te slapen. De avond was dus niet echt prettig. De echtgenoot wilde frietjes om de akten te vieren, maar laten we zeggen dat de sfeer aan tafel niet meteen tot vieren noopte. Ach ja.

Woensdag gingen we dan eindelijk eens naar Planckendael. Ons abonnement heeft dit jaar nog bijzonder weinig dienst gedaan en Annabelle is er met haar vijftien maanden zelfs nog nooit geraakt! Schandalig … We besloten eens dapper te zijn en daar ter plekke een bolderkar te huren. Eén buggy meenemen zorgt er steevast voor dat Kasper begint te zeuren dat hij er ook in wilt, twee buggy’s zijn gewoon onpraktisch en vind ik er persoonlijk ook wel wat over voor een 3,5-jarige. Als hij de kans heeft, laat hij zich dan immers de hele dag rondrijden en dat vind ik niet ok. De dag begon wel een beetje in mineur, want we kregen telefoon dat de fijne bank mij geen schuldsaldoverzekering wil geven. Diabetes, overgewicht en hoge bloeddruk, dan moet je toch wel een dezer eens gaan doodvallen, zullen ze hebben gedacht. Ik deed toch maar mijn best om het de dag niet te laten verknallen en dat is gelukkig behoorlijk goed gelukt. De kindjes vonden de bolderkar heerlijk en wij wisten het ding ook wel te appreciëren. Het weer was schitterend, de kindjes amuseerden zich allebei geweldig en we zagen toch heel wat dieren. We hadden ook eens een eigen picknick meegenomen (niet van onze gewoonte) en ik vond dat zeker voor herhaling vatbaar. Niet moeten opletten waar je op welk moment bent in het park, niet moeten zorgen dat je zeker op tijd in één van de restaurants bent om de grootste drukte voor te zijn … We zagen heel veel dieren, maar rond halftwee waren moeder en vader wel volledig knock-out. Annabelle trouwens ook, want in die bolderkar slapen, daar had ze geen zin in. We ging dus terug naar huis en hielden voor de rest een rustige namiddag met een overload aan Paw Patrol op de tv.

Donderdag besloten we het plaatselijke zwembad eens te gaan uittesten. Dat is al jaren geleden vernieuwd, maar sindsdien zijn we er niet meer binnen geweest. Aangezien Kasper plots een echte waterrat blijkt, konden we die kans niet laten liggen. Eerlijk; ik vond het niet zo leuk. Met Kasper is dat wel super, maar er moet altijd iemand bij Annabelle blijven en dat is nu niet direct spannend. Ach ja, het kind heeft zich ook wel geamuseerd met water in emmertjes doen en het er terug uitgieten, maar de jongedame accepteert ook niet echt een ‘nee’ en dus moesten er soms gevechten gevoerd worden om te voorkomen dat ze zich in diepe baden ging storten. Net toen we aan het overleggen waren wanneer we naar huis zouden gaan (na vijf minuutjes, was het plan), ging plots het brandalarm. Eerst moest iedereen uit het water en moesten we daar allemaal wat staan koekeloeren. De redders gingen eerst eens informeren of het echt was of een oefening, vooraleer ze tot verdere actie zouden overgaan. (Een beetje een vreemde beslissing, vond ik eerlijk gezegd.) We grabbelden al maar snel onze handdoeken bij elkaar, zodat onze prutskes daar geen kou moesten staan lijden. Daarna werden we allemaal naar de nooduitgang geleid. ‘Als we echt naar buiten moeten, dan brengt de brandweer wel handdoeken en dekens mee’, werd ons gezegd. Gelukkig is het zo ver niet moeten komen en het bleek maar een oefening. Na een dik kwartier mochten we dus gewoon verder zwemmen. Dat hebben we dan nog maar eventjes gedaan en toen begon de dolle pret van het omkleedritueel met twee kleine monsters. Miljaar! We wisten meteen weer waarom we niet zo fan zijn van gaan zwemmen. Kasper kreeg het ook behoorlijk lastig. Hij wilde nog zwemmen, hij wilde nat blijven, hij ging zijn kleren niet uitdoen, hij wilde niet naar huis gaan, hij wilde niet eten, … en oh, hij moest ook nog pipi gaan doen. Lichtelijk ontstemd (understatement van het jaar) sloeg ik een handdoek rond mezelf (mijn zwempak was al uit, maar ik had nog niks meer aan) en om hem (ook hij droeg niets op dat moment) en sleurde hem naar de wc – een verdieping hoger en dat via een trap. Wij naar de wc, hij ging er wel staan, maar er kwam niks. ‘Het was eigenlijk maar een grapje, mama!’, zei dat varken. Laten we zeggen dat het niet zijn beste grapje ever was … en dat ik er alvast niet mee kon lachen. De echtgenoot ook niet toen hij het hoorde. Toen we dan toch eindelijk aangekleed geraakt waren, besloten we dan maar in de cafetaria daar iets te eten en gelukkig gedroeg de kroost zich daar wel weer voorbeeldig. Daarna gingen we naar huis en hielden het rustig voor de rest van de dag. Knock-out van vooral de ouders.

Vrijdag gingen we dan naar de zoo. Ook daar was Annabelle nog niet geraakt. Dit keer gingen we wel voor de optie van één buggy. We gingen met de tram en toen bleek plots dat Annabelle dat blijkbaar niet zo prettig vindt. Laten we zeggen dat ze het eerste kwartier van de rit heeft gebruld, omdat ze niet op stap mocht gaan. Sorry medereizigers … Eens in de zoo stormden de twee kinderen er enthousiast vandoor. Die twee lopen daar dan hand in hand, echt een genot om te zien. We waren nog maar aan de pinguïns en daar ging Kasper al drie keer onderuit. De derde keer helaas met gevolgen; een hele grote schaafwonde, bloederig gedoe en natuurlijk toch wel wat pijn. Terwijl we probeerden zand en vuil uit de wonde te spoelen, ging ook Annabelle onderuit … ook zij heeft er dus een aantal schaafwonden bij. Ik dacht eerst nog dat het bij Kasper aan een misschien wat te gladde schoenzool lag en bij Annabelle aan het feit dat ze gewoon nog wat beter moet leren altijd haar evenwicht te houden als ze enthousiast rondloopt, maar ik zag nadien ook nog verschillende andere kinderen onderuit gaan. Misschien moeten de mensen van de zoo toch eens een andere ondergrond overwegen dan? Het lijkt me toch niet de bedoeling dat de jeugd constant valt en zich bezeert … Aangezien Kasper toch wel wat last behield van zijn knie, hingen we er helaas aan voor onze moeite om hem te laten stappen. Dragen, samen met Annabelle in de buggy, in de nek, een beetje stappen en alles weer van vooraf aan. Ook dit keer gingen we voor een meegebrachte picknick en we waren weer blij dat we voor die optie hadden gekozen. Kort na de middag probeerden we voor de eerste keer ooit of Annabelle in de buggy zou slapen en ze slaagde voor de test met vlag en wimpel. Ze sliep ruim twee uur en eerlijk is eerlijk, die waren heerlijk. Kasper genoot ook met volle teugen van het feit dat hij alles mocht bepalen en dat wij onze aandacht volledig aan hem konden geven. Ik ging zelfs met hem naar de zeeleeuwenshow en we zagen echt heel veel dieren. Als afsluiter aten we nog een ijsje en dan gingen we met de tram terug naar huis. Ook dit keer liet Annabelle weer van zich horen, maar we zijn er uiteindelijk wel geraakt. ’s Avonds ging ik nog even met de fiets naar de bakker en ik was er getuige van de brand aan de school in Hoboken. Dat is de onderafdeling van Kasper zijn school, het maakte toch wel indruk.

Zaterdag gingen we naar de bibliotheek en de markt. Op de markt koopt mijn lief vaak een broodje en ik een portie kibbeling. Van Kasper weet ik al dat hij dan bij mij komt bedelen, maar dit keer had ik twéé kleine smoeffelaars aan mijn been. Ik had preventief al iets meer gekocht, maar ik ben er zeker van dat ik uiteindelijk minder heb gegeten dan anders. Die twee pagadders bleven maar zeggen ‘nog!’ en ik bleef maar blazen (want da’s heet!) en in handjes of mondjes stoppen. Soit, ik ben blij dat ze graag vis lusten, dus ik laat ze maar doen. Toen we dan weer thuis waren geraakt, gaf Kasper aan niet meer weg te willen. Ik ging dus maar op mijn eentje naar de winkel en zij speelden nog wat en keken nog wat televisie. Het is me wel duidelijk dat we daar dringend mee gaan moeten minderen, maar deze paar vakantiedagen laten we het toch maar zoals het is.

Zondag hadden we dan afgesproken met mijn familie in een chinees restaurant ter ere van Moederdag – een klein beetje laat, maar het is niet evident iedereen samen te krijgen. Mijn zus met kindjes was er helaas niet en Kasper miste zijn leeftijdsgenootjes duidelijk. Laten we zeggen dat hij al flinker is geweest op restaurant … Annabelle was ook alleen tevreden als ze luidruchtig mocht rondlopen, maar zodra er andere mensen waren, vonden we dat uiteraard geen optie meer. Met luid gekeel als gevolg … Bij thuiskomst was het alweer tijd voor het bad, daarna voor eten en hups, alweer naar bed.

De week is gevlogen en ondanks veel geroep en getier en tegengewerk van eigenlijk allebei de kindjes, is de algemene balans in mijn ogen toch positief.

Vandaag deden we een paar winkels aan en kwamen in de Paw Patrol-hemel terecht, ging het lief naar een chirurg en gingen we ook naar school om te weten in welke klas Kasper zal zitten. To be continued …

De zomer – week zeven.

Er hoeft weinig gezegd te worden over adgelopen week. Kasper ging op vakantie met zijn opa en we hoorden weinig. Elke dag een foto en nietszeggende commentaar als ‘regen regen dus zwembad en binnenspeeltuin’. We gingen er dan maar vanuit dat alles onder controle was.

Annabelle ging naar haar grootmoeders en deed dat prima. Ze sprak nog wat nieuwe woorden (pop, t(r)ein en iets dat voor ‘allemaal op’ moet doorgaan) en was voor de rest supervrolijk.

Mijn halve trouwboek en ik werkten maar braaf, ikzelf ook op de feestdag. Dan bleef het lief maar met ons Bellue thuis en ze amuseerden zich samen wel. 

Vrijdag gingen de drie thuisblijvers dan ook naar Sunparks in De Haan. Annabelle sliep weer flink de hele rit en bij aankomst vlogen zij en haar broer elkaar in de armen. Kasper wilde haar altijd zien en dus moesten de twee buggy’s naast elkaar rijden, moest hij haar een handje geven als ze stapte en eiste hij van dragers dat ze de pas erinzetten of net vertraagden om te zorgen dat ze elkaar konden zien. 

We zwommen uren en uren en verbaasden ons over de enorme durf die Kasper plots gekweekt heeft. Hij is minstens 50x van de kant van het diepe gesprongen en het gaf niks dat hij volledig onder water ging. Hij ging onder een kletterende waterval en maakte er niks van als de golven in het golfslagbad in zijn gezicht stuksloegen. (Ikzelf verzoop bijna, want eens je daar op de grond zit, raak je bijna niet meer recht.)

Op zaterdagmiddag trokken we ook even naar zee. Laten we zeggen dat we een dag te vroeg waren… De zon was van de partij, maar een geweldig sterke wind ook. Het rondvliegende zand deed gemeen pijn. Annabelle wilde niet af ons tentzeil komen en vond het zelfs daar maar niks. Kasper begon nog enthousiast aan een zandkasteel, maar nadat hij kletsnat was geworden én volhing met zand, raakte hij zelfs wat in paniek. We trokken hem snel een short aan, wikkelden hem lekker warm in de trui van papa en parkerrden hem in de buggy terwijl wij opkraamden. Pas toen we uit de duinen en dus niet meer gepijnigd werden door dat rondvliegende zand, kwam het terug in orde.

Qua eten gingen we elke avond op restaurant. Kasper at er watermeloen en kip nuggets, Annabelle diezelfde nyggets en wortelchips. Allebei drie dagen op rij! Dan gingen onze bandieten op stap met opa en ze verschenen meestal pas lang na bedtijd terug. Het is vakantie voor iets, he… 

Maandag trokken we al terug naar huis. Deze week zal er een onder ons viettjes zijn. Ik ben erns benieuwd!

De zomer – week 6.

Nondepitjes seg, op de een of andere manier vliegt die vakantie hier toch voorbij! We zijn er uiteraard nog lang niet, maar in de planningen in mijn hoofd komt 1 september toch soms al voorbijgevlogen. Ik ben duidelijk niet de enige die dat zo aanvoelt, want de reclameboekjes en reclamemails staan vol met ‘terug naar school’ en op Facebook komen de vragen over boekentassen en ander schoolgerief vlotjes voorbijgevlogen.

Deze week was het nog volle bak vakantie. Kasper ging op kamp en Annabelle volgde dus haar normale opa-creche-moeke-programma. Maandagochtend liep Kasper niet over van enthousiasme, maar hij vermande zich stoer en stapte de speelplaats over en liet mij gaan. ‘S Avonds had hij het leuk gevonden en hij had er zelfs een vriendje van zijn vorig kampje teruggezien. Opa was meneertje ook gaan ophalen, zodat hij niet naar de nabewaking moest. Stel u voor, de horror seg. Opa heeft maar één autostoel, dus moest Kasper stappen. Haha. Dat hadt ge dus gedacht… De jongeman had een andere oplossing. Ik denk dat niemand er iets op tegen had, als ik deze foto zo bekijk:

Dinsdag was het enthousiasme ook weer niet overdreven groot, maar ik denk dat dat ook te maken heeft met het feit dat er altijd maar heel weinig kindjes zijn als ik hem afzet. Ik versta dat dus niet zo goed, he. Vanaf kwart voor 8 is er opvang, om 9u gaat het kamp echt van start. Om 16u loopt het kamp af en tot 18u is er ‘nabewaking’. Ik weet intussen al dat hij daar om kwart voor 8 helemaal alleen staat en dat wil ik hem niet aandoen. Die prutskes moeten dan wat op die speelplaats ronddwalen. Ik ben dan toch al te laat op mijn werk, dus ik wacht dan tot 8u om hem af te zetten. Van zijn leeftijd was er nooit iemand, alleen een bende wilde, grote kinderen van pakweg 4e leerjaar. Zelfs om 25 voor 9 was er nog maar 1 ander kindje van Kasper zijn leeftijd! Hoe doen die mensen dat dan? Ik veronderstel toch dat de meeste ouders hun kind naar zo’n kamp brengen om zelf te kunnen gaan werken? Ik werk nu nog op 10 minuutjes rijden van daar, maar de meesten zullen toch wel verder moeten. Hoe krijg je dat dan geregeld dat je om half10 of later aankomt en rond 16u je kind al oppikt? Ik snap er niks van. In ieder geval had Kasper het ook wel leuk gevonden dinsdag. Hij werd weer door opa opgehaald en zoals gebruikelijk wilde hij niet mee naar huis. Ik begin dat een beetje beu te worden. Als ik die kleine van de nabewaking afhaal, is er geen vuiltje aan de lucht. Hij stormt mij vrolijk tegemoet en is best te genieten. Als ik hem bij opa ga halen, wil hij niet mee naar huis, luistert hij voor geen meter en valt er de rest van de dag niks mee aan te vangen. De avond was dus vooral een gevecht en een poging om meneer zo vlug mogelijk in bed te krijgen. Annabelle moeten we daarentegen zo lang mogelijk wakker houden, in de hoop dat dat mormel niet midden in de nacht gaat besluiten dat het tijd is om op te staan…

Woensdag was Kasper plots wat toegankelijker naar mij en ik kreeg zowaar een cadeautje: een vers opgeraapt blaadje. Er hoorde een hele uitleg bij, dus ik durfde niet anders dan het in mijn auto leggen. Ook nu weer stroomde het enthousiasme er niet af, maar hij vermande zich en liet me flink gaan. ’s Avonds ging ik hem zelf afhalen en dan kon ik ook eens zien dat hij wel gewoon meespeelt. Da’s toch altijd leuk om te zien. Hij had zowaar nog een cadeautje voor mij… nog een opgeraapt blad! Stel u voor, straks kan ik een collectie beginnen! Hij had het kamp heel leuk gevonden, zei hij. Ze hadden met fruit geknutseld en het was de bedoeling dat ik dat ding mee naar huis nam. Laten we zeggen dat dat bordje platgeknepen banaan en verdorde ananas rechtstreeks de gft-bak is ingetuimeld… Annabelle had nog een afspraak staan bij de vrienden van Kind en Gezin. De echtgenoot ging met haar en liet al snel weten dat ze afklokte op 9kg810 en op 76,2cm. Ja hallo, die is dan ook aan een groeispurtje bezig! Gelukkig werd ze voor de rest ook goedgekeurd en konden ze anderhalf uur na afspraak eindelijk naar huis komen. Kasper was immers doodmoe, maar hij moest en zou wakker blijven tot hij papa had gezien.

Toen het lief thuiskwam, had hij nog een eh… prettig nieuwtje. ‘Naar waar gaat Annabelle maandag?’ Euh, naar de crèche? ‘Er hangt een blad op de deur dat ze dicht zijn en ik denk zelfs dat er stond dat ze de hele week gesloten zijn.’ Uhm?! Ik zocht meteen naar de mails met de verantwoordelijke en vond dat ze inderdaad had gezegd dat ze pas de 21ste zou sluiten en dus niet de 14e al. En nu?!

Donderdag bracht het lief Kasper naar zijn kamp. Het was daar pijamadag! Hoewel ik elke dag een gevecht moet voeren om hem in zijn kleren te krijgen, zag meneer het nu uiteraard weer niet zitten om in pijama te gaan. Zucht! Uiteindelijk vond hij het toch een grappig idee en kwam het in orde. Het afzetten verliep hetzelfde als bij mij: flink, maar duidelijk niet met volle goesting. ‘s Avonds was hij nochtans dolenthousiast. Het was héél leuk geweest. Ze hadden vanalles gedaan, hij had op de trampoline gesprongen met zijn twee vriendinnetjes (hij schijnt toch altijd wel wat kinderen – vooral meisjes – te vinden waar hij zich goed bij voelt) en ze hadden ook gedanst.

Het crècheverhaal was trouwens inderdaad correct gebleken. De verantwoordelijke was verbaasd dat wij dachten dat ze nog open zou zijn … maar ze bood wel meteen aan om de dochter dan bij haar thuis op te vangen. Ik zou dan de buggy en de maxi cosi moeten meegeven, want ze had wel vanalles te doen. Ik voelde me meteen niet zo geweldig bij die oplossing. Het was uiteraard lief van dat aan te bieden, maar in haar huis is ze gewoon niet op baby’tjes voorzien. Haar kinderen zijn al groot, dus waar moet dat prutske dan slapen, heeft ze daar speelgoed, moeten we sidderen en beven dat ons klimgraag en vernielzuchtig monster daar vanalles gaat vernielen … Bovendien is Annabelle altijd heel erg van slag als ze ergens alleen naartoe moet, waar ze normaal met anderen samen is. Bij mijn mama bijvoorbeeld is ze vaak niet zo blij, omdat ze daar meestal samen met Kasper is. Met zijn tweetjes is alles in orde, zij alleen … dat vraagt wat doorzettingsvermogen. Als mijn mama haar neemt, dan heeft die geen verplichtingen. Dan kan ze dus de hele dag met madammeke op haar schoot zitten als het moet (het enige dat ze dan goed vindt), maar aangezien de verantwoordelijke aangaf wel redelijk wat te moeten doen, zag ik dat echt niet goedkomen. Bovendien … hoe zou dat dan weer geregeld moeten worden? Als je maar 10 opvangdagen open bent en je moet er 14 aanrekenen? Ik had dus toch al maar eens gepolst bij de grootmoeders en we waren tot een noodoplossing kunnen komen. De crèche hield dus voor ons donderdag voor drie weken op. Pas op 5 september gaat ons krapuultje er terug naartoe.

Vrijdag begon al niet zo top; Annabelle deed om 3u30 haar licht aan en begon te tateren, wat natuurlijk snel overging in gehuil. Haar in ons bed nemen hielp ook niet en dus trok de echtgenoot – na eerst stevig gevloek en boos worden en dat soort gedoe uiteraard – met haar naar beneden. Ik kon dan wel nog verder slapen, maar na zo’n intermezzo duurt het toch altijd wel even voor ik de slaap kan vatten. Ik had mijn wekker ook niet gezet, aangezien ik ervan was uitgegaan dat mijn lief de zijne gezet had en dat hij dan wel met de dochter naar boven zou komen. Niet dus … en pas om 6u30 kreeg ik een berichtje van hem of ik nog sliep. Ik besloot om het douchen maar te skippen en nog eens een dagje thuis te werken. Gelukkig dat die optie bestaat! Ik trok naar beneden en daar lag de juffrouw natuurlijk nog vredig te knorren bovenop haar vader. Typisch! Ik maakte dan al maar vlug haar zak, graaide wat kleren voor haar samen en om kwart voor zeven konden we toch echt niet anders dan haar wakker maken. De echtgenoot ging zich boven klaarmaken en wekte meteen Kasper, die ook nog heeeeeeel ver weg was. Als dit scenario zich op een zaterdag had voorgedaan, we zouden de goden op onze blote knieën hebben gedankt. Helaas pindakaas … . Om zeven uur gingen vader en dochter ervandoor en ik probeerde Kasper zo ver te krijgen van te eten en – uiteraard met gevecht – zijn kleren aan te doen. Hij protesteerde dat hij geen zin had om naar het kamp te gaan, maar hij maakte er toch niet al te veel spel van.
Tot we dan uiteindelijk daar aankwamen … We hadden zijn zak en jas al weggehangen en hij greep naar mijn hand en stuurde me richting deur. ‘Waar ga jij naartoe?’, vroeg ik hem en hij zei: ‘Naar huis met jou.’ Uhm. Toen ik zei dat dat toch echt niet ging, begon hij hartverscheurend te huilen. ‘Ik wel gewoon thuis blijven, mama’, snikte hij. Ik veronderstel dat het de combinatie van nog te moe zijn was met het feit dat er weer eens geen kleintjes waren en dat ook de luidruchtige en wilde grote kinderen (die op dat moment in een micro stonden te brullen) niet echt hielpen. Hij bleef maar brullen en mij vasthouden zoals hij het doorgaans al lang niet meer wil. Ik probeerde te weten te komen wat zijn probleem was, maar hij ging het me echt niet vertellen. Er kwam al een moni aangelopen om te vragen of ze hem moest overpakken, dus ik zei hem dat ik hem nog één minuutje héél hard ging knuffelen en dat ik dan echt moest vertrekken om te gaan werken. Dat ik nu al te laat ging zijn, maar dat dat niet erg was, maar dat ik toch echt doorging. En dat opa hem ging komen halen ’s avonds en dat vindt hij toch ook altijd wel leuk. Het hielp allemaal niet. Ik liet hem dus brullend achter bij de moni, waarvan ik wel zag dat ze hem echt apart nam en bij hem bleef, ook toen ik vijf minuten later voorbij de poort gestapt kwam om naar mijn auto te gaan.
’s Avonds bleek hij het allemaal niet zo geweldig leuk te hebben gevonden, maar uit zijn verhalen waren er toch ook enthousiaste momenten te puren en toen we een filmpje doorgestuurd kregen van opa, waren we helemaal gerustgesteld. Hij sprong en huppelde en danste superenthousiast mee. Zijn commentaar was ook hilarisch. ‘Kijk! Ik had mijn hoofd op C. gelegd. Dat is mijn vriendinnetje, ze is héél lief!’ Ze was ook drie koppen groter en zwart, maar who cares.

Uit alles wat hij zei, merkte je wel dat hij nood had aan wat thuis zijn. Helaas konden we hem dat zaterdag nog niet bieden. Mijn nonkel was namelijk overleden en werd zaterdagochtend begraven. De kinderen kennen hem niet, bovendien is een uur in een propvolle kerk zitten met hen momenteel even meer dan we denken aan te kunnen, dus we stuurden ze naar Moeke. Het was alwéér groot drama: ‘Maar ik wil bij jullie blijven!” en gehuil toen we doorgingen. Nice. De begrafenis was heftig voor ons, maar het deed me wel deugd te zien hoe mijn tante zich wist staande te houden. Uit alles bleek dat ze niet volledig verdoofd rondliep of de dingen maar aan zich liet voorbijgaan. Ze kwam ook direct een babbeltje doen en ging de moeilijke dingen niet uit de weg, maar vertelde ook gewone dingen. Natuurlijk is het best mogelijk dat de grote klop nadien nog moest komen, nu alles afgehandeld zou zijn en begrafenisondernemers, pastoors en rouwende familieleden niet meer om de haverklap wel iets van haar zouden willen. Ik hoop dat ze een manier vindt om hiermee om te gaan en door te blijven gaan. Ze is zelf nog te jong om haar leven nu ook te zien ‘ophouden’.
Toen we nadien de kindjes gingen ophalen, wilde meneer Kasper natuurlijk niet meer mee naar huis. Spreek anders nog eens van een wispelturig geval! Hij had me ook al gevraagd om niet mee naar de winkel te moeten, maar zelfs daar konden we niet aan voldoen. Er moest nu eenmaal eten op de plank komen en we hadden gewoon even geen andere manier gezien.
Ik moet zeggen; na dit winkeldrama hebben we besloten dat we gaan vermijden vanaf nu om met die twee monsters te gaan. Wat. Was. Dat. Kasper stond helemaal wild en rende gillend en roepend van enthousiasme door de winkel. Annabelle wilde met hem mee, maar was natuurlijk duizend keer trager en ging dan maar haar eigen weg. Dat kind luistert voor geen meter en zit bovendien ook echt overal aan, in tegenstelling tot haar broer. Als die ervandoor holt, ben ik er nogal gerust op. De andere mensen zullen misschien eens verstoord opkijken, maar er gaat niks breken of hij zal niet verloren geraken. Bij dat ander mormeltje daarentegen … Omdat we hoopten Annabelle te temmen door Kasper wat in te tomen, werd de sfeer op den duur een pak minder vrolijk. Kasper woest omdat hij niet overal mocht rondlopen, Annabelle bleef haar eigen zin doen en als we ze oppakten om haar dan maar tegen te houden, zette ze het op een belachelijk luid brullen. Een sirene was er niks tegen. Als Kasper zag dat Annabelle gepakt werd, wilde hij dat natuurlijk ook. Dat is nogal onpraktisch als ook nog iemand de kar moet duren en dus begon hij ook maar heel luid te jengelen. De hel, ik zeg het u.

Zondag hielden we het rustig. Pijamadag voor de kindjes en voor ons gewoon wat zetelhangen. Kasper keek een overdosis Paw Patrol, de kindertjes gooiden al het speelgoed overhoop en wij hingen of lagen wat in de zetel. Opa kwam wel lunchen, wat ons dan meestal drie minuten ademruimte geeft, aangezien beide kinderen dan met hém willen spelen natuurlijk. Daarna deed Annabelle een dut en dan is Kasper meestal op zijn best. Ook nu dus. Hij kwebbelt wat, kijkt wat tv en scharrelt wat rond, maar wij kunnen wel eventjes alle voelsprieten uitzetten voor groot gevaar en alarmerende valpartijen. Nadien aten we met zijn allen fruit(pap) en dan kropen de kindjes met hun vader in bad. Daarna was bij allebei het vat af precies, dus keken ze nog wat meer tv en we aten behoorlijk vroeg.  Toen Kasper om kwart na zes al zijn melk vroeg en na de tweede Paw Patrol al zelf zei dat hij wilde gaan slapen, hebben we er dan ook maar aan toegegeven. Het was pas zeven uur toen ik zijn slaapkamerdeur al achter mij dichttrok. Annabelle zat om halfacht ook al met open ogen en zittend te slapen in de zetel, dus die hebben we dan ook maar wat vroeger dan anders in haar bed gezwierd. (Dat beklagen we ons morgenvroeg ongetwijfeld, maar slaapdeprivatie bij zo’n kleintjes, dat voelt toch ook niet echt ok.)

Morgenvroeg vertrekt Kasperito weer voor een weekje Center Parcs, met Opa en Ola deze keer. Ikzelf moet de hele week werken, maar aangezien Annabelle niet naar de crèche gaat, hoef ik me minder zorgen te maken over het tijdstip van ophalen. Alleen al dat zal wel wat meer rust brengen!

De zomer – week vijf.

Op voorhand was ik niet meteen overdreven enthousiast bij het vooruitzicht aan een hele week thuis met Kasper. Dat klinkt waarschijnlijk slecht en schandalig, maar eerlijk gezegd … so be it. Kasper had het de laatste weken nogal lastig met mij en verkoos dus altijd zijn vader boven mij. Als ik probeerde iets van hem gedaan te krijgen, was het antwoord standaard koppig ‘nee’. Hij wilde niks, hij werd om de drie seconden woest en de sfeer zakte meestal dus vrij snel als een pudding in mekaar. Ik gok ergens dat het feit dat ik hem bij zijn operatie ‘naar de slachtbank heb geleid’ en dat ik nadien ook degene was die vanalles van hem moest vragen terwijl hij alleen maar ellendig in een hoekje wilde liggen, deze toestand mee heeft uitgelokt. Ik neem hem dat ook niet kwalijk, maar leuk is toch anders.

Naast Kasper bezighouden, wilde ik toch ook graag het een en ander gedaan krijgen in huis. Onze voorraadkast eens uitmesten (hoogdringend nodig!), de kleerkasten van de kinderen van te klein gerief ontdoen, Annabelle haar kleertjes van beneden verhuizen naar haar kast (wat dus ook betekent dat we ze vanaf nu boven moeten aankleden ipv beneden), de speelgoedbakken eens volledig uitmesten en de box leegmaken en verpatsen. Daarnaast hoopte ik ook nog mijn keuken eens onder handen te kunnen nemen en ‘de administratie’ gedaan te krijgen. Daarnaast hoopte ik toch ook hier en daar wat rust te krijgen, want die had ik wel eventjes heel hard nodig …

Maandag had ik Kasper al uitgeleend aan zijn oma. Die had ook zijn neefje A. uitgenodigd, want die twee pagadders samen, dat is meestal dolle pret. Het plan was om met die mannekes naar de binnenspeeltuin te gaan, maar toen ze daar dan aankwamen, bleek die gesloten. Ik smste nog wat over en weer met mijn moeder om andere suggesties te doen, maar uiteindelijk besloot ze het binnenspeeltuinplan maar te laten varen. Ze gingen naar de gewone speeltuin en in de namiddag trokken ze ook nog naar ‘het bos’, een stuk grond van een vriend van mijn moeder. Daar mochten ze met een kruiwagen rijden en met de bal spelen en appels rapen, meer hadden ze niet nodig. Ze kregen zelfs een ijsje!

Annabelle ging een extra dagje naar de crèche en ikzelf was thuis. Oh, heerlijk, rust! Uhm … Ik begon ‘s morgens al meteen op te ruimen, vanalles overhoop te zetten, de voorraadkast onder handen te nemen, hier en daar al een kleerkast uit te mesten … In de namiddag kwam mijn schoonmoeder langs om te strijken en dan voelde ik me nu toch ook niet voldoende op mijn gemak om zelf even in mijn zetel te liggen of een dutje te doen. Ik maakte dus een broodpudding en een provençaalse gehaktschotel dan maar. De voorbereidingen gebeurden wel terwijl ik met een half oog nog wat afleveringen van Call the midwife bekeek. Toen ik daarmee klaar was, was het alweer tijd om beide kindertjes te gaan ophalen. Ze hadden het allebei prima naar hun zin gehad, ik had toch veel werk verzet, dus dit was al bij al een goeie dag. Intussen had ik ook de box te koop gezet én verkocht gekregen. Hoera!

Dinsdag had ik afgesproken met een vriendin om met haar vier kinderen samen naar de zoo te gaan. Ik wilde dat sowieso al eens doen, want op dinsdag komt mijn schoonmoeder poetsen en dan lopen we in de weg. Zij wilde nog eens afspreken, dus waren dat meteen twee vliegen in één klap. In de voormiddag ruimde ik nog wat op, Kasper keek nog naar zijn geliefde Paw Patrol en liep Moeke wat voor de voeten, eh, hielp Moeke bij het poetsen. Hij deed zelf zijn boekjes en zijn knuffels en dartelde voor de rest wat rond met de plumeau. Om een uur of elf trokken wij tweetjes met de bus naar de stad. De bus is toch altijd nog een belevenis voor de kleine vent, hij vindt dat helemaal super. Ik had al besloten dat we samen eerst in de Quick gingen eten. Kasper smikkelde er vlijtig frietjes met véél mayonaise en kipfingers, ik at een hamburger en wat frietjes en we waren weer voldaan. Zo twee keer op een jaar kan dat me toch wel smaken. Toen was het tijd om naar de zoo te gaan. Kasper had geluk, want hij mocht kiezen naar waar we gingen, zei ons gezelschap. Hij was namelijk een man met een missie … Hij moest en zou mij de slurfhondjes laten zien. Die zaten altijd in het apengebouw en hij keek eigenlijk naar niks of niemand, maar wilde meteen naar hun hok stormen. Ik hield hem nog wat tegen en uiteindelijk kwamen we dan aan hun hok … maar ze waren verhuisd! Grote teleurstelling … Gelukkig kwamen ze later toch nog tegen in het mensapengebouw. Dan wilde Kasper graag naar de koala’s. Helaas was er recent eentje overleden en daarom had de andere rust nodig en die kon je dus niet bezichtigen. Bummer twee. Gelukkig hebben we wel de giraffen gezien en de olifanten, waren de nijlpaarden paraat en konden ze veel pinguins zien. Er waren vogeltjes die in hun hokje bleven zonder glas, omdat de gang donker was. We zagen de beren en de doodskopaapjes en belandden uiteindelijk nog in de zeeleeuwenshow. Toen Kasper die de eerste paar keren zag, sprong hij regelmatig recht van enthousiasme. Dat was er nu toch wel wat af, al zei hij wel dat hij het leuk had gevonden. We bezochten nog wat vogeltjes, zagen de zebra’s nog en toen was het tijd om naar huis te gaan. We moesten immers Annabelle nog gaan ophalen en de betrouwbaarheid van de bussen laat ook soms wat te wensen over … Ik wilde dus zeker op tijd vertrekken. De bedoeling was dat we in het winkeltje nog een dier gingen kopen (hij koos een doodskopaapje – zo een aapje als Pippi Langkous, mama!) en daar ook nog even naar de wc zouden gaan … alleen bleek die wc daar helemaal niet te zijn. De dichtsbijzijnde was … helemaal terug in de zoo. Wij dus terug naar binnen, naar die wc gestormd en dan via een kleine shortcut terug naar de uitgang. Dan zijn we naar de bus gestormd, die gelukkig vrij snel kwam en waar we ook gewoon konden zitten. Kasper was helemaal uitgeteld, maar dat kon ik nu nog wel begrijpen. Hij wil de laatste tijd niet meer stappen en ik had dit keer geen buggy mee … Van het stuk 12u30 tot 16u heeft hij het merendeel gestapt, al betekent dat natuurlijk wel dat ik hem toch nog ongeveer een uur in totaal heb gedragen of in mijn nek heb gezet. Ik was dus ook een beetje gesloopt … We waren ruimschoots op tijd thuis, we haalden Annabelle weer af van de creche en trokken naar huis. Toen we daar aankwamen, was de echtgenoot er al en konden we dus gelukkig snel eten.

Woensdag moesten we in de namiddag op controle bij de NKO-arts. In de voormiddag speelde Kasper voor het eerst een paar keer op zijn eentje boven of beneden, terwijl ik op een andere verdieping vanalles aan het doen was. Mijn werkzaamheden konden zo weer wat vorderen. Ik kreeg wel ook een hoop telefoontjes van de echtgenoot, want er liep voor de verandering weer eens vanalles mis met de regelingen voor het nieuwe huis. Daar zal ik misschien nog wel eens een apart topicje aan wijden … Laten we het erop houden dat het er op een bepaald moment begon op te lijken dat het allemaal niet meer door zou kunnen gaan. Kort voor de middag gingen we samen naar het ziekenhuis, waar we in de cafetaria nog iets aten. Ik lachte me een breuk met die kleine … Het is toch heerlijk om de wereld door hun ogen te zien. Toen belde de echtgenoot met een volgende update en het lachen verging me wel. Er zou een oplossing gevonden zijn, maar die zou dan wel inhouden dat we met het huidige voorstel van de bank akkoord moesten gaan – niet omdat dat perse moest maar omdat er geen tijd meer was om wijzigingen aan te vragen – en dat we daardoor ipv enkele maanden helemaal op het eind van de rit plots bijna twee jaar een dubbele afbetaling zouden moeten doen. Dat was dus hetgeen ik nooit had gewild en wat ik wel tienduizend keer had gevraagd of en hoe we dat konden vermijden …

Gelukkig was bij de NKO-arts wel alles in orde. Kasperito hoort duidelijk beter, zijn keel/amandelen zagen er prima uit en ook in zijn neusje was duidelijk veel meer ruimte om te ademen. Dat hadden we ook al wel gemerkt, dat daar een gigantisch verschil op zat. Alle ellende was dus niet voor niets geweest. Het enige waar ik niet mee kon lachen, was dat ze nu plots zeiden dat hij wel nog een paar weken zijn oren droog moet houden. Ik heb vanaf het begin gezegd dat hij volgende week naar center parcs zou gaan en dat we wel graag zouden hebben dat hij dan gewoon kon gaan zwemmen. ‘Geen probleem, mevrouw, vanaf dat u op controle bent geweest en dat we hebben gezien dat de buisjes goed open staan, mag hij gaan zwemmen zoals alle andere kindjes.’ En nu dan weer dit … Na veel vijven en zessen zou het dan toch mogen, maar liefst met een badmuts en anders mag hij zeker niet een meter onder water gaan zwemmen ofzo. Uhm, ik denk nu niet dat de gemiddelde driejarige dat doet, wel? Vooral bij het haren wassen is het toch echt wel belangrijk dat er geen schuim in zijn oortjes terechtkomt en dus moet hij met twee bekers erop zitten als we het haar afspoelen. Ok dan … Omdat Kasper best weer flink en stoer was geweest, kreeg hij van mij een ballon van Paw Patrol uit het winkeltje van het ziekenhuis. Daar heeft hij dan zo ongeveer de rest van de middag mee zitten spelen, terwijl hij ook ronsprong in de zetel. Ik ruimde nog wat op en bereidde het avondeten al wat voor. Ik was weer helemaal enthousiast; zulke dagen vind ik wel prima!

De bedoeling was dat ik donderdag me dan eens écht met hem ging bezighouden. Weet ik veel, samen koekjes bakken, eens gaan fietsen, boekjes lezen, een spelletje spelen, eventueel schilderen (de horror!), … Alleen was er dan uit de hele toestand rond het huis van woensdag uitgekomen dat we op donderdag sito presto bij de immotheker onze lening moesten gaan ondertekenen, zodat we hopelijk alles nog tijdig rond zouden krijgen. Annabelle besloot om 3u30 dat het wel een goed moment was om op te staan en dus zat ik ongeveer tien minuutjes later met madame beneden. Uiteindelijk sliep ze af en toe nog wel wat bovenop mij, maar ik deed geen oog meer dicht. Ik was dus geradbraakt. Kasper keek nog wat tv en zoals te denken was, viel ik in slaap. Ik had hem al gewaarschuwd dat ik vijf minuutjes wilde slapen en dat hij mij mocht wakker maken als er echt iets was. Na drie kwartier waren zijn afleveringen Paw Patrol gedaan en vroeg hij of ik er nog eentje wilde opzetten … wat ik deed en daarna viel ik prompt weer in slaap. Nog eens een half uur later werd ik pas echt wakker. Arm manneke! Hij zei wel dat hij het niet zo leuk vond, maar hij had me toch maar laten liggen slapen. Hij had dan wel een heel pak cent wafers opgegeten én de kruimeltjes over mijn zetel uitgestrooid, maar daar kon ik natuurlijk niet echt boos om zijn. Dan had ik maar wakker moeten blijven … Uiteindelijk was het enige dat we nog samen konden doen, op de fiets springen en broodjes gaan halen voor ‘s middags. Hij kreeg dat van hem uiteraard niet meer op, want hij had dus al die koeken al opgesmoeffeld. Toen het lief thuiskwam, at die ook nog vlug vlug zijn broodje en toen brachten we Kasper naar zijn opa. Die was net terug van vakantie en kon hem dus wel eventjes bijhouden. Hem zo 2,5u stilhouden daar bij die immotheker, dat was toch wel wat veel gevraagd geweest, denk ik. Gelukkig verliep alles bij de immotheker goed, het bleek ook niet te kloppen dat we metéén moeten dubbel betalen (wel na 1 jaar) en als we nu nog geregeld krijgen dat alles ivm de schulsaldoverzekering op tijd in orde geraakt (ik moet extra vragenlijsten laten invullen owv diabetes, dus het zal er nog om spannen), dan zou het zomaar toch nog allemaal goedkomen. Nadien haalden we Kasper op bij opa, gingen we samen Annabelle van de crèche halen en om te vieren dat we eindelijk eens het contract hadden ondertekend, aten we pizza’s van dr. Oetker. Ik vond het wel heel erg jammer dat ik nu zo weinig tijd met Kasper had doorgebracht. Het ventje had zich zo flink alleen beziggehouden, maar dat was nu ook weer niet helemaal de bedoeling geweest … ‘s Avonds werd de box dan opgehaald en we hadden plots terug heel wat meer ruimte in onze woonkamer. Het einde van een tijdperk toch een beetje!

Vrijdag ging Kasper dan een hele dag naar Moeke en Annabelle ging weer naar de crèche. Deze dag wilde ik eigenlijk alle werkjes afmaken, maar het lief beval me uit te rusten. Het probleem bij mij is; eens ik daarmee begin, geraak ik niet meer in gang. Ik had me dus eventjes in de zetel gezet en een aflevering van Call the midwife gezien (gebleit dat ik al heb met die reeks!) en toen plots eh … was het tijd om de kindjes te gaan halen. Oeps. Ik had zelfs geen tijd gehad om een dutje te doen! Ik heb me wel in de voormiddag beziggehouden met het opzetten van een YNAB-account. Dat had ik afgedongen van de echtgenoot; ik wil alles doen voor die lening, maar dan mag ik met die YNAB proberen mezelf wat gerust te stellen. Ik zal niet van elke euro komen vragen wat je ermee hebt aangevangen, maar ik mag wel ook jouw accounts bestuderen en aan mijn programma’tje toevoegen. Ik had het al eens een maand gratis uitgeprobeerd, maar ik moest toch weer wat zoeken hoe ik het het best kon aanpakken en eens je ergens iets mispeuterd hebt, is het moelijk dat recht te trekken. Bij poging drie denk ik dat ik een overzichtelijke status had … nu is het natuurlijk wel nog zaak van het allemaal up-to-date te blijven houden. In ieder geval deed ik voor de rest dus bijzonder weinig …

Zaterdag besloot ik er dan toch nog maar eens in te vliegen. Ik stond om zes uur op met de kindjes en begon in de keuken te rommelen, ik rondde het project voorraadkast af en ruimde speelgoed uit. Ik sorteerde schoentjes en gooide er een hoop weg. De kindjes hielden elkaar bezig, dus toen de echtgenoot opstond, had ik al heel veel kunnen doen. ‘Wow, die keukentafel gaat hier nog eens leeg geraken of wat?!’, riep hij verbaasd uit. Ja, het was al zo erg geworden intussen … Ik ging douchen en deed nadien nog even verder met de kindjes hun kleerkasten. Daarna gingen we naar de dreambaby voor wat kleine rommel en vooral ook voor een Trip Trap. Annabelle klimt nu altijd maar op die van Kasper, maar die is eigenlijk net te groot voor haar. Als ze daar dus af wilt, dan doet ze halsbrekende toeren en soms knalt ze ook tegen de grond. Wij roepen heelder dagen dat ze dat niet mag, dat ze eraf moet, maar het werkt niet echt … Dan kunnen we er dus maar beter ook eentje voor haar kopen en die trapjes net iets meer op haar lengte afstemmen. In de namiddag gingen we nog even op babybezoek bij mijn zus en reden meteen door naar de winkel voor een paar kleine dingen. Dan was het alweer late middag, speelden de kindjes nog wat en keken nog wat tv, ik rommelde nog wat op en toen was het etenstijd. De dag was alweer voorbij, maar hij was wel weer erg vruchtbaar geweest. Het project voorraadkast was klaar, de kinderkleerkasten waren klaar en er lag al een zak speelgoed om weg te gooien of te verkopen.

Zondagochtend mocht ik dan uitslapen (om 9u gewassen en gestreken beneden zijn, betekent dat) en daarna gingen we naar de Albert Heijn. Ik vind dat toch hoe langer hoe meer een zalige winkel, alleen hebben ze te weinig ‘light’ puddinkjes en yoghutjes. Er was wel weer héél veel ruzie met Kasper, zodat we zelfs al voor die winkel hadden gezegd dat hij zeker tot na hun bad geen Paw Patrol meer mocht kijken. Voor de lunch kwam opa eten en toen moesten we die straf al verlengen tot ‘vandaag geen Paw Patrol meer’, aangezien meneer het interessant vond om zijn vader meermaals te slaan, ondanks herhaaldelijke verwittingen. Toen Annabelle sliep, speelde Kasper dan wel flink met vanalles en nog wat. Hij haalde nog eens wat gezelschapsspelletjes nodig en koos gelukkig zijn papa als slachtoffer om die mee te spelen. Uiteindelijk kon ik zelfs nog een klein dutje doen en toen werd de juffrouw ook wakker en was het gedaan met de rust. De kindjes gingen nog met het lief in bad, ze speelden daarna nog bijna een uur in Kasper zijn kamer, eerst waren ze ‘kapotmakers’ en dan ‘werkmannen’. Ik hoefde alleen maar wat in de zetel te hangen en aanwezig te zijn, verder niks. Die twee patatjes holden elkaar achterna, Annabelle zag haar broer vanalles doen en probeerde hem dan na te apen en ze giedern het allebei uit. Zo werd een extreem vermoeiende dag (vooral mentaal dan) uiteindelijk toch mooi afgerond.

Deze week gaat Kasper nog eens op kamp, het thema is ‘curieuzeneuzen’. Dat vonden wij nu eens helemaal op zijn lijf geschreven, maar hij is er zelf precies wat minder van overtuigd. We zullen wel zien wat het geeft … Ik hoop alvast dat hij zich super zal amuseren. Voor mijzelf komt er nu tien dagen back-up aan op het werk, nu niet meteen iets waar ik naar uitkijk. Maar kijk, het moet gebeuren … Daarna heb ik dan zelf weer eventjes vrij, he.

 

 

De zomer – week vier.

Kort: het was een week waarin Kasper nog heel slecht startte, maar dan plots een volledige ommezwaai maakte. Dinsdagmiddag sliep hij nog vier uur aan een stuk (hij doet al meer dan een jaar geen dutjes meer!) en toen hij daarvan wakker werd, at hij twee borden spinaziestomp met gehaktballetjes in tomatensaus. Woensdag en donderdag was hij bij oma en hij logeerde daar dan ook maar. De belangrijkste commentaar achteraf: ‘Die heeft werkelijk constant naar eten gevraagd.’ Oef! Meneer was anderhalve kilo kwijtgeraakt, maar intussen heeft hij die er al terug aangevreten. Door al dat eten groeide zijn energie ook beetje bij beetje en stilletjesaan konden we weer wat meer ‘gerust’ worden.

Intussen merkten we ook al dat er zeker iets is veranderd door de operatie. Naast zijn idioot hoog stemmetje en de ‘r’ die hij plots niet meer kan uitspreken (alle, onze megamondige kleine en we verstaan er geen lap meer van!) valt ons op dat hij totaal niet meer snurkt. Als we ’s avonds willen weten of hij nog leeft, moeten we echt tot naast hem gaan staan en kijken of hij beweegt. Tot nu toe konden we het al van beneden horen dat hij leefde … . Als hij wakker is, hoefde ik me ook niet meer af te vragen of hij nu in slaap gesukkeld was (wakker snurken ofzoiets). Hij kan ook eten met zijn mond dicht en toch blijven ademen. Ik denk dus wel dat we er toch goed aan hebben gedaan …

Zelfs de nachtelijke episodes zijn sinds enkele dagen weg of toch sterk verminderd. Eergisteren was er nog een rustige versie van een minuut of vijf en verder niets. Laat ons hopen dat het dus ook verdwenen is alleen maar doordat hij zich terug wat beter voelt. Vermoeidheid schijnt pavor nocturnus ook in de hand te werken en volgende week gaat hij op kamp. Een goeie test, me dunkt.

Annabelle ging gewoon vijf dagen naar de crèche en iedereen juichte over haar. Ze dartelt rond, ze eet goed, slaapt goed, je hoort ze eigenlijk niet (toch niet in negatieve zin) en ze speelt flink met de andere kindjes. Het enige nadeel is dat ze eh … acrobatische toeren uithaalt. Van zodra je je rug draait, is de juffrouw wel ergens bovenop aan het klimmen. Stoelen, tafels, kasten als het moet … . Ik heb ze daar maar al gezegd dat ik het hen niet kwalijk zou nemen als ze zich toch eens pijn doet. Uiteraard mag ik hopen dat het dan bij relatief onschuldige kwetsuren gaat, maar echt. Ook hier thuis zit dat kind continu overal waar ze niet mag en sorry, maar je moet nu eenmaal soms eens iets doen of je kunnen omdraaien, he.

Ik moest met de miss trouwens ook naar de kinderarts en daar werd ze dan toch goedgekeurd. Ze zit op haar curve (die wel ineens een stuk gezakt is, maar kijk) en haar longen klonken goed. Ze hoeft dus in de zomer geen cortisonepuffers meer, maar alleen nog een ander medicijn. Da’s weer wat strijd minder!

Wij moesten de hele week werken en dus was er verder weinig bijzonders te melden. In het weekend was de echtgenoot jarig, maar met dank aan de extreem tegendraadse zoon deden we niets speciaals. Frietjes eten van de frituur, dat wel, maar verder …

De week die nu komt, ben ik alleen met Kasper thuis overdag. Ik ben er nog niet helemaal uit of ik ernaar uitkijk. 😉