Het rommelt.

De overgang van ‘de vakantie’ naar terug gaan werken, dat is nooit mijn beste periode. In 2015 was dat het moment dat ik helemaal instortte. Vorig jaar was ik nog thuis met een maand ouderschapsverlof. Het werd moeilijker en moeilijker en toen ik in oktober terug moest beginnen werken, ging het toch ook weer redelijk mis. Dit jaar hoop ik op minder drastisch gedoe, maar zeggen dat het geweldig gaat, dat is toch weer een brug te ver. 

Het gaat er mij niet eens om dat ik mijn werk niet graag zou doen of dat er daar zotte eisen gesteld worden soms. Het gaat er meer om dat ik plots niet meer de moed of energie kan vinden om in die werkchaos in te duiken. Mijn hoofd draait namelijk al overuren na een vakantie. In een rustperiode is er namelijk plots weer ruimte voor plannen en dromen. Ik zie wat er allemaal heel dringend zou moeten gebeuren in huis en wil er volledig invliegen. Ik schuim tientallen opruimsites af, maak me lid van facebookgroepen als ‘minimalistische moeders’ in de vage hoop dat een schijntje van de échte minimalistische inzichten tot mij zal komen – of erger nog, dat ik de moed vind om de principes die ik al langer ken ten uitvoer te brengen, intussen doe ik er ook allerlei groepjes over gezonde brooddozen bij (al is in sommige gevallen kunstig meer aan de orde dan gezond) en schuim ik recepten- en dieetsites af op zoek naar snelle en makkelijke manieren om toch wat gewicht te verliezen en gezonder te eten. Het allergrappigste: ik downloadde een huishoudapp en werd lid van een groep met huishoudschema’s. Mwoeha. 

Tijdens zo’n vakantie wil ik dan alles opruimen, herorganiseren, perfectioneren (de weg naar zelfs een flauw afkooksel van perfectionisme is nog lang, geloof me, zelfs ‘goed genoeg’ weten we niet te bereiken). Alleen lopen hier twee kleine varkentjes rond, die alles wat je opruimt met veel tijd en moeite op een minuutje of twee volledig weten om te toveren in een tafereel als was er een aardbeving met tsunami gepasseerd. 

Ik zit dus op mijn werk met een hoofd vol plannen en ideeën, met een bullet journal vol afvinklijsten en met een wanhopig besef dat het ons niet lukt. Op het werk kom ik tot niet veel, dus ik voel me daar behoorlijk gefaald. Meestal ben ik van het principe ‘ik doe mijn best en het moet maar goed genoeg zijn’, maar vorige week voelde het echt niet als goed genoeg. Mijn hoofd zit dan wel vol met tientallen projecten thuis, maar ook daar loopt het compleet scheef. Dat is hier nooit opgeruimd, elke keer als ik een kast opentrek dan bedenk ik me dat we ons toch beter moeten kunnen organiseren en de tientallen ‘hoopjes’, ‘stapeltjes’ en ‘potjes’ met vanalles en nog wat drijven me tot wanhoop. De eerste gedachte die dan door uw hoofd schiet is ‘leg dat dan allemaal meteen op zijn plaats’, maar… waar is die plaats dan? In het slechtste geval is er eigenlijk geen plaats voor, in het beste geval nog geen vastgelegde plek. 

Tot nu toe kwam mijn schoonmoeder hier poetsen. Mijn man trekt het zich allemaal niet aan, maar ik heb me al 1000x doodgeschaamd voor haar. Uiteraard hebben we wel opgeruimd voor ze komt, maar die eeuwige rommelnestjes blijven en liggen uiteraard stevig in haar weg. Vanaf oktober stappen we over naar een ‘echte’ poetsvrouw. Het doel is nu dus om zoveel mogelijk van die stapeltjes en rommeldoosjes tegen dan weggewerkt te krijgen. Om dat te kunnen doen, zal er toch ook echt inhoud van kasten buiten moeten. Ik zit daar niet mee. Ik heb een punt bereikt waarop de helft van ons huishouden buiten mag, wat mij betreft. Helaas is de echtgenoot daar niet in mee en de kinderen nog minder. 

Deze week heb ik drie dagen vrij. Een grootse oprommelslag staat op het programma. Anderhalve week later heb ik nog een paar dagen. ‘Op die tijd moet je toch veel gedaan krijgen’, zie ik jullie al denken. Hmmm. Ik ben NIET goed in dat soort dingen. Ook al werk ik me halfdood, je ziet het vaak nauwelijks. 

Daarnaast begin ik vanaf vandaag weer met afvallen. Het is hier heel erg geweest in de vakantie en de weken nadien deed de echtgenoot nogal veel van ‘misschien is het wel de laatste keer’ (vandaag wordt zijn galblaas eruitgehaald en wie weet kan hij nadien geen frieten/chips/chocola/… meer verdragen) en ongewild doe je hier en daar maar weer mee. Laten we het erop houden dat ik nu evenveel weeg als toen ik ruim zeven maanden zwanger was van Kasper. Dat is niet helemaal de bedoeling. Als we al die brol al eens latens en de hoeveelheden/belegde broodjes al eens terugschroeven naar ‘eens per uitzondering’, dan zou het toch al wat minder dramatisch moeten worden. 

Weet je wat trouwens nogal ironisch is? Hoewel de frustratie en de wanhoop om de permanent onopgeruimde staat van ons huis hoog opliep, heb ik de laatste maand al mijn records qua online shoppen gebroken. Kleren voor de kinderen – heel erg nodig, dat wel, schoenen voor de kinderen voor deze maat én de volgende al, schoenen voor mezelf, massa’s vaatwastabletten, wc-papier en pampers, een pannenset en een air fry begot. En eh, ‘een paar’ brooddozen. Daar ben ik zo’n kieken in, he. Een echte bentobox vind ik te duur, maar dan koop ik vijf goedkopere dozen en zit dus alsnog aan dat budget. Nu ja, in het kader van goedkoper en gezonder kan dat natuurlijk wel helpen, een fatsoenlijke doos om mijn lunch in op te bergen en om Kasper te voorzien van meer dan alleen een stel boterhammen. 

Op het werk kost het me soms veel moeite om de paniek niet te laten toeslaan. Dan zie ik wat ik nog allemaal moet doen, wat ik nog allemaal uit moet zien te vissen of nog totaal niet snap, in mijn achterhoofd zwermt nog alles wat ik volledig heb laten mislopen en er is altijd de dreiging dat een paar klanten zouden kunnen bellen om het wankele evenwicht dat er is om zeep te helpen. Voorlopig lukt het, maar het kost veel energie. Zo zal ik uiteindelijk wel weer in de pre-vakantiemodus geraken: te moe om thuis in actie te schieten, te afgestompt om nog veel plannen te maken daaromtrent en soms zelfs om te dromen van dat huis in relatief opgeruimde staat. Dan komt het wel weer goed met mij. Als plannen en dromen verbannen worden door pure uitputting, dan functioneer ik weer. Vreemd.

Maar nu dus even nog niet. Waarschijnlijk ook pas rond november, als al mijn verlofje een paar weken achter de rug zujn. Tot dan rommelt het. In huis en hoofd.

Advertenties